dinsdag 7 april 2015

Mientje

Toen ik bijna vier jaar geleden kwam werken op deze locatie, liep ze nog. Weliswaar achter een rollator en bijna met haar neus over de grond, maar: ze liep nog. Ze is geboren in het stadje naast mijn Dorp. Een uitgesproken Stadse. Ze spreekt na al die jaren dat ze er al weg is, nog steeds het typische dialect dan de stad. Ze kan fel en soms wat lomp uit de hoek komen. "Sjonge, wat heb ie dikke kuut'n." Maar van haar kun je het gewoon hebben.

Ze ging langzaam maar gestaag achteruit. Ik had een klik met haar, en omdat het nogal veel was wat ze allemaal te verhapstukken kreeg, vroeg ze met regelmaat of ik even tijd voor haar had. Ik deed dat en luisterde dan naar haar klaagzang. Over het personeel vooral. Hoe die er een zootje van maakten, nooit tijd voor haar hadden en veel meer tijd besteedden aan anderen. Dat haar persoonlijk ondersteuner nooit bij haar kwam. Nee hoor, echt nooit! Ook ligt ze regelmatig in de clinch met een medebewoner. Hij heeft hersenletsel en komt vaak ongenuanceerd uit de hoek: "Ach Mientje, jij hebt toch niks, jij kunt best wel zelf eten/ drinken/ lopen etc." Daar is ze steeds erg verdrietig van. Vindt dat hij dat niet mag zeggen. Maar ja, hij zit er zelf ook niet vanwege zijn zweetvoeten.

Meestal vroeg ze mij langs te komen als er weer iets was wat ze niet meer kon. Opstandig werd ze ervan, van de achteruitgang. Slikken ging steeds moeilijker, praten ook. Toen ik haar uit het ziekenhuis ophaalde nadat ze accuut was opgenomen met een maagbloeding, trok ik haar mijn winterjas aan. Ze wilde het eigenlijk niet eens, die jas aan, bang dat ze hem zou onder kwijlen. Maar het was koud en het personeel had geen winterjas meegegeven in de ambulance. Na de maagbloeding is ze niet meer de zelfde geworden. De rollator staat al jaren te verstoffen.

Ze maakt nu gebruik van een elektrische rolstoel. In het begin was het levensgevaarlijk en zijn er al heel wat stoelen, tafels en andere voorwerpen/ mensen omver gereden. Ook is aan de verf zichtbaar waar zij vaak langsreed. Het is ook geen sinecure om op je 72e nog te leren sturen. Nu is ze 74 en is het gevaar van haar in de gangen geweken: ze kan niet meer goed het knuppeltje bedienen en moet geholpen worden om van A naar B te komen. De kuip op haar rolstoel is precies naar haar lichaam aangepast, maar nog steeds zit ze volledig in elkaar gedoken. Soms praat ze wartaal; spreekt over haar moeder en wil op de brommer weg. Meestal is het dan weer tijd voor een kuurtje tegen blaasontsteking. Want met een katheter ben je een gemakkelijk slachtoffer hiervan.

De zorg voor en om haar wordt steeds groter. Het is bijna niet meer in te passen. Ze is nu eigenlijk een verpleeghuisclient, en 'hoort' niet meer op deze woonlocatie. Ze vertelde me afgelopen vrijdag dat ze weg gaat. Waarheen weet ze niet, het ligt er aan waar er plaats is. Ze vertelde het vrij droog, maar ik weet dat het haar veel verdriet doet, na ruim 25 jaar wonen op deze locatie. Het doet iedereen verdriet, haar zo te zien.  Ik heb haar vaak moeten vragen wat ze zei, afgelopen vrijdag. Ik kon haar amper meer verstaan. In die vijf weken dat ik nu weg ben, is ze al hard achteruit gehold.

Ik heb geen flakkering meer in haar ogen gezien, vrijdag. Ze kon soms 'vals' iets zeggen en dan met lichtjes in haar ogen kijken wat je reactie was. Voor haar is de jeu er een beetje af. Spelletjes spelen op haar PC lukt ook niet meer. Ze weet niet wat ze de hele dag moet doen.

We hebben met zijn allen drie jaar lang zien aankomen wat er nu gaande is. En we hebben het niet kunnen stoppen. Haar lichaam laat haar volledig in de steek, maar haar geest is nog zo levendig en fel. Dat is bijna niet te vereenzelvigen.

Mientje is een van de cliënten die ik ga missen. Natuurlijk ga ik ze allemaal missen, maar ach, als je hersenletsel hebt, is het niet altijd rampzalig als er iemand vertrekt. Een kwart van de bewoners had niet eens meegekregen dat ik al weg was, en leven in hun eigen wereld.

Ik hoop eigenlijk dat Mientje een verhuizing naar een verpleeghuis niet meer hoeft mee te maken. Want daar hebben ze helemaal geen tijd voor de bewoners. Ze zal in no-time wegkwijnen, vrees ik. Ook al is 74 veel te jong, dit leven wens je niemand toe. Opgesloten in je lichaam, je moeilijk verstaanbaar kunnen maken, en overal -echt overal- mee geholpen moeten worden. Terwijl je geest nog vrijwel intact is. Behalve dan als je blaas ontsteekt.

Ik denk dat ik Mientje niet meer terug zie. Maar ik zal haar nooit vergeten.

8 opmerkingen:

  1. Ik kan er niks mee, met dit nieuwe beleid... Zie het zelf helaas ook veel gebeuren :((((

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Ja, triest .... Weet je, ik zie het bij mijn vader in het (t)huis, hoe mensen langzaam of soms wat sneller achteruit gaan. Verschil is natuurlijk dat ze allemaal te doen hebben met hun geheugen, *understatement*, echt niemand zit daar vanwege zweetvoeten ..... De tijd die per bewoner besteed kan worden is minimaal ...... triest

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Pff zo oud worden is toch wel heel verdrietig, zeker met het idee dat het in de zorg zo hard achteruit holt terwijl niemand (behalve de bonusbonzen) dat eigenlijk wil.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Ooh Evelyn, wat een ontroerend en mooi (en goed geschreven!) verhaal!

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Wat jammer wanneer het zo loopt. Ik zou zelf liever plotseling aan een hartaanval overlijden en tot die tijd 'goed' zijn dan dit. Maar ja, dat kun je helaas niet uitkiezen. In ieder geval heb jij Mientje echt gezien en gewaardeerd. En heb je er af en toe voor haar kunnen zijn.

    BeantwoordenVerwijderen